Turnen

Soepel, vlot, technisch perfect en met veel plezier. Zo voer je als turn(st)er op de toestellen je oefeningen uit. Je traint om steeds leniger en soepeler te worden. Die souplesse en dat plezier in turnen kun je krijgen als je lid wordt van WIK. Iedereen kan meedoen aan turnen en je kunt al jong beginnen (vanaf 6 jaar). Je hoeft nog geen ster te zijn op de brugongelijk of op de evenwichtsbalk. Je kunt kiezen voor recreatief- of wedstrijd turnen. Je kunt ook altijd meedoen aan wedstrijden op plaatselijk of regionaal niveau.


Meerdere keren per week worden turnlessen gehouden voor jongens en meisjes vanaf 6 jaar. Tijdens deze lessen wordt de basis voor het turnen gelegd, door te werken op diverse toestellen. Alle groepen zijn ingedeeld op leeftijd om de binding binnen de groep zoveel mogelijk te bevorderen. Iedere turnles begint met een warming-up, afhankelijk van de leeftijd van de turn(st)ers bestaat deze bijvoorbeeld uit een spel, bewegen op muziek of een algemene warming-up. Daarna gaan we veelal in groepjes aan de slag op diverse toestellen. De ‘echte turntoestellen’ kast, pegases en lange mat komen aan bod en voor de jongens tevens voltige, ringen, gelijke brug en rekstok, de meisjes werken ook op de balk en aan de brug ongelijk. Natuurlijk is er ook tijd voor touw- en ringzwaaien, trampoline springen en komen de grondvormen van bewegen aan bod. Naarmate de kinderen ouder worden, komen de echte turnonderdelen steeds meer centraal te staan. Uiteraard sporten de kinderen altijd onder begeleiding van KNGU-gediplomeerde leiding en assistenten.


Alle turners en turnsters werken aan het programma ‘Stimulering Turnen’ van de KNGU. De diverse onderdelen worden tijdens de les verwerkt met als resultaat een diploma tijdens de jaarlijkse open dag aan het einde van het seizoen. Tevens worden er ieder jaar in november clubkampioenschappen georganiseerd voor alle turngroepen.

Voor kinderen met meer talent is er de mogelijkheid door te stromen naar onze wedstrijdgroep. De leiding van de recreatiegroepen en de wedstrijdgroep bekijkt samen welke jongens en meisjes hiervoor voldoende aanleg hebben. Hierbij wordt onder andere gelet op houding, kracht en lenigheid, maar bijvoorbeeld ook op inzet en motivatie.